Justus van Effen, De Hollandsche Spectator, aflevering 61-105

Justus van Effen, De Hollandsche Spectator, aflevering 61-105 (26 mei 1732 – 27 oktober 1732)
Editie W.R.D. van Oostrum
Duivelshoekreeks 12
ISBN 90-75179-18-9
Prijs: € 21,75 (excl. verzendkosten)

In aflevering 61 tot en met 105 van De Hollandsche Spectator van Justus van Effen komt duidelijk naar voren dat er verschillende normen voor vrouwen en mannen worden gehanteerd.

Een man verbaast zich erover dat zijn vriend, getrouwd met een beeldschone vrouw die hij zeer bemint, regelmatig prostituées in zijn slaapkamer laat bezorgen en wil een verklaring. De vriend vraagt hem wat hij het liefste eet; een palingpasteitje is het antwoord. Vervolgens laat de vriend hem een week lang ’s middags en ’s avonds dit gerecht bezorgen en de gulzigheid van de man verandert ‘in een onwederstaanbare walglykheid’; hij zou zijn pastei graag ruilen voor ‘een korst droog brood’. Zo vergaat het mij ook, zegt de vriend; mijn vrouw is de palingpastei, de prostituées een korst droog brood.

Deze vergelijking gaat niet helemaal op voor het huwelijk, zegt Heer Spectator. De ware liefde is meer dan toegeven aan de behoefte zich te diverteren. Het is natuurlijk en zelfs goed dat de huwelijksliefde van de man bekoelt: dan kan hij zich concentreren op zijn nutte dagelijkse bezigheden. Thuisgekomen, moet zijn gade hem opvrolijken en zijn lust gaande maken door een ‘geduurige verwisseling van beminnelykheid’, eigen aan ‘de sex van haar ziel’, alhoewel sommigen haar deze wispelturigheid verwijten omdat mannen deze niet bezitten.

Voorwaarde voor succes is dat de man zeker is van haar liefde voor hem. Daarom moet zij hem laten merken dat zij gesteld is op zijn liefkozingen en ernaar verlangt. Een vrouw die ‘deftigheid en ernst’ uitstraalt, is immers ‘onbekwaam om een speeltuig van onze natuurlyke geneigtheid te zyn; haar al te manlyke verdienste heeft geen vat op onze tederheid’. Het is de taak van de vrouw het huwelijk spannend te houden, haar plicht zich op de bevrediging van haar echtgenoot te richten en hem door een wijs gebruik van haar wispelturigheid het gevoel te geven niet met één maar met drie à vier vrouwen getrouwd te zijn. Verandering van spijs doet immers eten. Maar wel dringt Heer Spectator erop aan dat vrouwen zich toeschietelijk tonen voor ‘s mans liefkozingen, maar daarbij wel de zedigheid in acht nemen.

Ook dit deel van De Hollandsche Spectator is voorzien van een inleiding, een korte inhoudsbeschrijving per aflevering en een index. Waar nodig worden woorden uit Van Effens tekst voorzien van woordcommentaar.